Ga terug naar het blog overzicht

Aconcagua Laatste dag

Zondag 25 januari 2015  - Laatste dag: Terug in Mendoza – Hoogte: Veel te laag :-) – Weer: zonnig, onbewolkt 38 graden in de schaduw.

Hallo vrienden volgers,

 
Ons laatste blog vanuit een bloedheet Mendoza. We zitten ondertussen terug veilig in ons hotel NH Cordillera, aan het zwembad. De cirkel is rond maar toch houden we ons eraan om jullie een laatste verslag te sturen van de gebeurtenissen de voorbije week. Jammer dat jullie even hebben moeten wachten op ons eindverslag maar na de voorbije dagen zijn we echt door en door moe…
 
Nadat we vorige week zondag zijn afgedaald naar het basiskamp was het de bedoeling om terug naar boven te klimmen op woensdag. Op dinsdagochtend kreeg ik het lumineuze idee om al een dag vroeger terug naar boven te klimmen. Arnaud moest nog even wennen aan het idee maar al gauw besefte ook hij dat een extra rustdag op Nido of het hoogste kamp, kamp Berlin, onze topkansen zouden doen toenemen. Het weerbericht voorspelde de komende 4 a 5 dagen rustig weer op de top met een windsnelheid die de 40 km/hr niet zou overschrijden. Naar boven dus.
 
Vanaf Plaza de Mulas (4400) naar Nido (5580) is toch een behoorlijke inspanning. We nemen enkel het meest essentiele mee en onderweg op Kamp 1 (Canada) pikken we de tent en brander op. De eerste uren loop ik alvast als een houten klaas. Ga ik traag lukt het niet om een ritme te vinden en versnel ik loop ik te hijgen als een hinde die net een roedel leeuwen achter zich aan had. Het lukt me niet en als we dan op Canada toekomen moet ik bijna braken. Ik leg me dan ook even neer en val bijna in slaap wanneer Arnaud toekomt. Die doet het goed. Mijn maatje loopt een rustig tempo en gaat gestaag op zijn doel af.
 
Na een korte pauze moeten we verder, nog ruim 600 meter stijgen, ditmaal met volle bepakking. Ik vrees het ergste maar wonder boven wonder vind ik mijn ritme en stuif de berg op. De acclimatisatie heeft haar werk gedaan. Arnaud volgt op afstand en tot aan Kamp Nido hou ik af en toe een pauze zodat we samen toekomen. Onze totaaltijd vandaag is net iets meer dan 8hr lopen. Een toptijd, want als we de twee stukken los bekijken hebben we er de vorige keer ruim 9hr over gedaan en toen hebben we nog geslapen op Canada. Acclimatiseren noemt zoiets…
 
Zodra de tent opstaat zetten we onze sat phone op omdat we weten dat mijn maatje Jorge Mancheno uit Californie ons dagelijks in de namiddag een weer update doorstuurt. En jawel hoor: piep piep, daar komt de update binnen. Tot onze grootste verbazing geen bevestiging van het fijne weertje dat voorspeld was maar een ander, niet echt positief weerbeeld. De komende dagen wordt er een zware storm verwacht met windsnelheden ruim boven de 100 km/hr en een gevoelstemperatuur die naar de min 40 graden Celcius trekt. We zitten er verslagen bij. Net de ganse dag in de brandende zon gelopen met het idee dat de top haalbaar is. Nu dit… Tranen wellen op in onze ogen, er valt een vloek te horen. Its over. Dat is wat we meteen denken…
De sfeer is bedrukt wanneer we het licht in de tent doven.
 
De volgende ochtend besluiten we eerst bij de rangers te gaan horen wat zij ervan denken. Hun weersvoorspelling is min of meer dezelfde. Twee dagen van zware storm en die beginnen vanavond. Misschien kunnen we morgen toch nog omhoog lopen en een allerlaatste poging wagen? We zullen het vannacht moeten afwachten. We hebben thuis aan vrouw en kinderen beloofd om altijd onze veiligheid voorop te stellen en we zullen alle factoren meenemen in onze ultieme beslissing, morgen.
 
Arnaud maakt ondertussen wel vriendjes met Diego, een Mendoze Mountain Police Officer. Een wat wild uitziende kerel, ruig, onbehouwen maar toch ook weer sympathiek. Hij wil de muts van Arnaud wel in ruil voor zijn officiële politiepet. Arnaud twijfelt want die muts met oranje haar ( sorry, een andere naam kan ik niet bedenken voor het onding :-) ) stond natuurlijk wel op Ar’s hoofd op Mount Elbrus, de Mont Blanc, in IJsland en nog zovele andere plekken dat het een emotioneel afscheid dreigt te worden. Ik vind het een prima deal. Die lelijke pet is me al lang een doorn in het oog, zeker de kleur oranje is niet mijn favoriete kleur. Nu ben ik al mijn oranje fans kwijt natuurlijk, maar een fijn matchke Belgie-Nederland is nooit slecht, nietwaar vrienden van boven de Moerdijk… -:) Uiteindelijk gaat mijn klimmaatje akkoord: zodra we afdalen komt hij naar de rangers om te ruilen…
 
In de namiddag klimmen we naar een hoogte van 5700 meter als acclimatisatie. Daar zetten we ons op een rotsblok en nemen de omgeving in ons op. Ruim een uur lang praten we over onze klimgeschiedenis, onze vrouwen, kinderen en toekomst in de bergen. Als ze het hadden opgenomen met camera’s hadden ze het zo kunnen uitzenden als een “late night show”. Iets in de aard van “het leven zoals het is… bergbeklimmers”… Fijn om eens rustig je hart te kunnen openen en je diepste emoties te kunnen delen met iemand die in dezelfde situatie zit. Arnaud kan heel goed praten, maar geloof me, ook heel goed luisteren…
 
Genoeg emotionele beslommeringen. Zodra we de tent bereiken begint de wind al wat toe te nemen. Pas wanneer we rond 10pm de dag  afsluiten barst de hel echt los. Onze tent wordt keer op keer bijna platgeslagen door enorme windvlagen, vaak gecombineerd met gigantische wolken puin en zand die de tent belagen. Als het zo verder gaat hebben we morgenvroeg geen tent meer. De ganse nacht liggen we wakker en hopen we dat de boel het houdt. De rangers zitten gelukkig vlakbij in het geval dat…
 
Ook de volgende ochtend gaat het gewoon door. We zouden nu naar boven moeten doortrekken om onze laatste kans te grijpen maar dat kan gewoon niet, met volle bepakking in een storm gaan lopen, dan blaas je geheid ergens een ravijn in. Ik heb voor mezelf al het besluit genomen dat dit te riskant is. Als het even kan ga ik naar beneden. De risico’s zijn te groot, ik som ze even op. Er bestaat de kans dat een windvlaag je grijp (je hebt een grote rugzak om dus veel oppervlakte), er is kans op bevriezing van vingertoppen en tenen ondanks de topmaterialen die we bijhebben, er is de kans dat je straks boven in een volgende storm komt terwijl we maar net genoeg eten bijhebben en er is de kans dat je helemaal nooit meer terugkomt. Nee, het park uitlopen op mijn eigen benen is voor mij het ultieme succes, de rest is klote (sorry voor dat woord, maar zo voel ik het). Ook Arnaud komt langzaam aan tot dezelfde conclusie: het doet pijn, heel veel pijn, om zo dicht bij de top, zo goed aangepast aan de hoogte te moeten omkeren, om het doel waar je al 6 maanden aan werkt op te geven maar dat maakt deel uit van het expeditie klimmen.
 
In de namiddag dalen we af, met opgeheven hoofd, nadat Arnaud zijn petje is gaan ophalen bij de rangers (Yes: Belgie – Nederland 1-0). Geen enkele ranger heeft getracht om ons om te praten, waarschijnlijk omdat zij al te veel fatale of bijna fatale slachtoffers van de berg hebben afgedragen de voorbije jaren. Zij begrijpen en respecteren onze beslissing… Terug naar Base Camp, definitief deze keer…
 
Vanaf hier neemt Arnaud het over in de hoop de score nog om te buigen in het voordeel van Nederland. :-)
 
Tja, die originele Mendoza Policia mountain rescue pet is natuurlijk 5 punten waard… but who is counting.
 
De afdaling naar basecamp valt mij zwaar. Het betekent het definitieve einde van onze toppogingen. Als ik vanuit Nido naar beneden loop kijk ik naar rechts en zie ik onze Manso met zijn 5557m hoge top. Die mooie gele berg die nog mooier is nu de zon volop schijnt. Haar stijle flanken herinneren mij aan de korte maar toch nog moeizame beklimming, vooral terug naar Nido omdat Nido net iets hoger ligt dan de Manso top. Daar hebben Wim en ik gestaan, denk ik. Mooi om dat mee te nemen. 
 
We komen even later al aan bij het riviertje waar we eerder al eens water hebben getapt en een tweede keer datzelfde heldere water vies bruin was geworden. Het is een mooie plek om even uit de wind te rusten en dat doen we nu dan ook weer. Al snel maken we grappen en kunnen we gelukkig zeggen dat we onze humor niet verloren hebben. We besluiten om stijl naar beneden te gaan en aan camp Canada voorbij te trekken. We hebben er geen spullen meer liggen en dus kunnen we ons de omweg besparen. De enorm stijle helling van gruis, lossen stenen en puin, achtergelaten door gletsjers, maakt het echter heel moeilijk om tijdens de afdaling overeind te blijven. Snel gaat het echter wel. Al snel komen we bij het riviertje dat langs Canada stroomt en zo’n 100m lager steken we die over. Het is nu echter nauwelijks een stroompje. Dat betekent waarschijnlijk dat bovenop de berg de bron stijf bevroren is. ‘s Avonds moet je dus rekening houden met het inslaan van voldoende ijs of water, want ‘s ochtends is er niets. Dat kan je fataal worden als je er geen rekening mee houdt. 
 
Na de oversteek houden we weer een korte pauze, waarna we verder trekken richting de grote rotsen midden op de helling tussen Canada en basecamp. Dat is wederom een voor ons bekende rustplaats geworden, waar we weer halt houden. Nadat we ons kostbare en vrijwel laatste water hebben gedronken, trekken we verder richting de rotswand. Daar besluiten we een iets langer en dus minder stijl pad te nemen. De vermoeidheid slaat toe en hier wil je zeker geen misstap maken of, erger nog, vallen. Uiteindelijk bereiken we basecamp. Onderweg heeft Wim nog een kleine schoonmaakactie gehouden door een verloren load bag van de dragers op te pakken en mee te zeulen. “leave nothing but footprints” nemen wij letterlijk!
 
Terug in basecamp besluiten we meteen alles wat we niet meer nodig hebben in de grote basecamp tassen te gooien. We zijn er klaar mee. Daarna gaan we naar de grote watertonnen, die gelukkig met gletsjerwater gevuld zijn, om ons eens uitgebreid te wassen. Van boven dan he, de rest doen we iets subtieler in de tent met de bekende wetties. We trekken ons schoonste shirt en broek aan. Voor mij betekent dat de broek die ik op de heenweg door de valleien heb gedragen en waar het stof uiteraard nog in zit plus een t-shirt met trekking overhemd dat ik slechts 4 dagen heb aangehad. Maar het voelt schoon :-) en dat is wat telt.
 
We rusten wat en besluiten dan vast naar de basecamp eettent te gaan. Fantastische ondernemer, want we zien dat er regelmatig klimmers zijn die graag voor 20 of 30 Dollar een kleine maaltijd bestellen. Zo ook wij. We bestellen een liter frisdrank, Fanta deze keer, en komen langzaam helemaal bij. De maaltijd bestaat uit een hamburger die op een soort brood-pannekoek  met friet wordt geserveerd. Een bord vol en we zijn daarna dan ook heel content. We praten nog wat na en gaan dan richting onze tent. Daar keuvelen we verder, totdat Wim zegt ‘waarom zetten we geen filmpje op?’. Ik schiet in de lach, maar herinner mij dat ik hem heb getoond dat er films op mijn iPad staan voor in het vliegtuig. Wat enorm raar en apart om de laatste dag in basecamp zo af te sluiten denk ik, maar voor ik het weet pak ik de iPad, de battery pack, sluit ik alles aan en start de filmvoorstelling. SALT met Angelina Jolie. We genieten er van. Lekker op onze matjes en onder de slaapzak in onze donsjassen kijken we de film af. Fantastisch! Daarna gaan we lekker slapen. Morgen moeten we alle bagage voor 10 uur inleveren en dus moet de tent en alles voor die tijd zijn ingepakt, ander missen we de ezels.
 
‘s Ochtends staan we bij tijds op. Alles is voor tienen gepakt en we leveren onze vuilnis in bij de basecamp tent van AconcaguaTrek. Zij regelen alles verder met de ezeldrijvers en zorgen er voor dat een auto aan het eind  (of eigenlijk het begin) van de Horcones vallei klaar staat. 
We gaan wederom naar de eettent om deze keer een ontbijt te bestellen. 8 Kleine geroosterde broodjes met jam en (voor Wim) boter. We kunnen geen thee meer zien, dus ik kies koffie (met gekookte melk!!!) en Wim neemt Cola. We laten het ons goed smaken. Voordat we naar beneden lopen gaan we langs een schilder die een tent in basecamp heeft met als vermelding in het Guiness Book of Records ‘de hoogste kunstgallerij ter wereld’. Wim wil graag een mooi schilderij kopen van de ezeldrijvers voor zijn kinderen. Slik! 400 Amerikaanse Dollars. Niet dus. Ik probeer nog af te dingen, maar de kunstenaar wil er niets van weten. 
 
We lopen basecamp door met onze rugzakken en houden een laatste keer halt bij de rangers. Hier worden onze vergunningen afgetekend voor het menselijk afval dat we moeten inleveren. Eindelijk die poepzak weg! Nog een laatste blik op de Horcones gletsjer en dan zijn we weg.
Ik besluit om er van te gaan genieten. Doe je best zegt Wim, 30km door 4 of 5 bloedhete valleien met een verval van bijna 1400m, we zullen zien.
 
De eerste vallei, met het hoogste verval, ga ik voorop. We lopen vrij vlot, maar kijken goed uit. Het is hier soms zeer stijl en een val is zo gemaakt. Dat kun je zien aan de vele ezel karkassen of botten die hier onderaan de berg liggen. Het leven van die ezels is hard en zeker niet ongevaarlijk.  Voor ons is dat dus ook niet zonder gevaar, snappen we maar al te goed.
Na een tijdje kom ik op een soort splitsing. Ik besluit rechts aan te houden en volg een groepje klimmers met gids die dat ook doet. We komen helemaal beneden uit bij de beek, die vanwege het vele smeltwater inmiddels een woeste bergrivier is geworden. Steeds nauwer wordt het ravijn en ik bedenk mij dat ik wel eens een verkeerde keuze zou kunnen hebben gemaakt. Dan zien we het groepje met de gids zitten. We vragen of we zo verder kunnen en volmondig wordt geantwoord met Ja. Maar na een meter of 40 vind ik het echt te gevaarlijk en zeg ik tegen Wim dat we zo niet verder kunnen. Nog geen half uur geleden zei ik tegen hem dat het vast wel zou gaan en ik geen zin had om terug omhoog te lopen voor een ander pad. Nu moeten we dat alsnog. Ik baal stevig, maar als je door die rivier wordt meegesleurd, dan is het einde verhaal. 
Terug en omhoog dus. Het blijkt best nog een eind te zijn voor we aan het begin van de nieuwe vallei staan. We hebben tijd verloren en de auto aan het eind van de Horcones vallei willen we niet missen. De pauze is dus kort. 
 
De 2e vallei bestaat uit een enorm brede rivierbedding. Stenen, stenen, stenen en nog eens stenen. Een goed pad is er niet. Dan komen we op het gedeelte waar de rivier zich splitst in heel veel stroompjes die breder en breder worden en steeds sneller en woester stromen. Hier moeten we de juiste doorgang vinden, wat uiteindelijk alleen maar lukt door de schoenen en sokken uit te trekken en op de voor ons meest begaanbare plaats de rivier te doorwaden. 
Een uurtje later moeten we ook weer terug. Wim is een echte spoorzoeker en uiteindelijk vindt hij een overgang. We springen over de beekjes, halen het soms net, en staan uiteindelijk weer aan de juiste kant van de vallei, met het water rechts van ons. Weer tijd verloren!
 
We komen bij wat ik de 3e vallei noem. Geen stenen deze keer, maar zand en stof. Het is alsof je door de duinen loopt met je lichte rugzak die met de minuut zwaarder aan voelt. Het is heet en zeer stoffig. Een briesje lijkt lekker, maar niet als je stof hapt. De bergwanden zijn echter wonderschoon. De kleurenschakeringen van geel, oranje en bruin zijn prachtig. We houden geen halt, maar lopen verder en verder. Op de GPS houden we goed bij hoe ver het nog is. Uiteindelijk zal het ruim 30km zijn dat we afleggen die dag. Weer een rivieroversteek en dan eindeloze heuvels die ons richting camp Confluenzia trekken. Daar moeten we nogmaals een rivier over, maar er is een klein bruggetje dat helemaal onderin het ravijn is aangelegd. Daar aangekomen blijkt dat de rivier zo woest is, dat het water wild over het begin van de brug slaat. Ik ga er snel overheen en Wim wacht al op me aan de andere kant. Wim loopt inmiddels sneller dan ik. Sorry, zeg ik, maar sneller kan ik echt niet. Geeft niet, geeft nooit, we lopen ons eigen tempo. Gelukkig maar. Nu moet ik dat ravijn weer helemaal omhoog klimmen, denk ik. Pffff. Bovenaan gekomen herken ik de route niet. Zitten we goed? Maar Wim is zeker van zijn zaak en dus lopen we door. Eindelijk zie ik camp Confluenzia liggen. Wat lijkt het nog ver! Wim zegt mij door te lopen, terwijl hij in het camp op zoek gaat naar AconcaguaTrek, zodat ze de chauffeur van onze auto kunnen oproepen om hem te laten weten dat het later wordt. We willen zeker om 18:00 bij het kantoor aan het einde van de Horcones vallei zijn, want daar moeten we onze permits tonen en om 18:00 gaan ze dicht. Ik loop dus door. Genieten doe ik inmiddels niet meer. Aan de kant gaan voor ezels doe ik ook steeds minder, maar uiteindelijk toch steeds wel. Die beesten buffelen gewoon door, dus dat lijkt mij toch wel verstandig om te doen.
 
De laatste 10km pikt de wind op. Ik houd mijn gezicht strak op de route gericht, tap ergens een vaatje nieuwe energie, praat mijzelf continu moed in “lekker windje, doet me niets, koelt lekker af, gewoon doorgaan, blik op oneindig, verstand op nul, en gaan, door, door, door…”. 
Uiteindelijk passer ik de laatste hangbrug en kom ik in het publieke nationale park van de Horcones vallei. De vele heuvels die ik nu nog passeer irriteren mij, want telkens weer denk ik dat het de laatste is. Eindelijk zie ik het helikopter platform en realiseer ik mij dat ik er ben. Ik stop abrupt en heel bewust draai ik mij om voor een laatste blik op de machtige Aconcagua. Kom ik hier ooit nog terug? Dan loop ik door. Wim blijkt nog geen 200m achter mij te lopen. We zijn te laat, maar samen lopen we toch nog de laatste km naar het begin van de vallei, naar het kantoor waar we de vergunning moeten tonen. Dicht! Balen! En geen auto!
Dan stopt een auto die ons oppikt en blijkt dat we een km terug onze vergunning aan een Park Ranger kunnen tonen voor de exit. Uiteindelijk doen we dat en komt onze eigen chauffeur ook nog eens aangereden die zelfs onze basecamp tassen al in de aanhangwagen heeft geladen. Super. 
 
Ik bel snel Yolanda op met de satelliettelefoon om haar te laten weten dat we veilig de vallei uit zijn en direct doorrijden naar Mendoza. Ik weet dat ik haar wakker heb gebeld, maar het is echt heel fijn om haar stem te horen. Mendoza, hotel, douche, lekker eten en schone lakens… here we come! 
 
Ons avontuur is ten einde. De top hebben we niet gehaald, maar onze missie “trainen voor de sea to summit op Antarctica” en teambuilding, gebruik van moderne communicatiemiddelen, etc. is ruimschoots geslaagd.     
 
Met een hele sportieve groet,
Arnaud en Wim
Team proARCTICA